Criteria

Voor wie wordt een steen gelegd?

De stichting Vrienden van de Aaltense Synagoge beperkt haar actie tot de slachtoffers die op het moment dat zij onvrijwillig hun woning moesten verlaten woonachtig waren in de toenmalige gemeente Aalten (Aalten-dorp, Bredevoort en de buurtschappen). Slachtoffers die wel uit Aalten afkomstig waren, maar naar elders waren verhuisd, kunnen een steen krijgen in de plaats waar zij als ingezetene waren geregistreerd op het moment van onderduik of deportatie. In Aalten gaat het niet alleen om Joodse medeburgers: voor zover wij hebben kunnen achterhalen is uit de andere groepen in elk geval één slachtoffers gevallen, de heer Wiggers, die gedeporteerd en in een Duits kamp om het leven gekomen is, omdat hij Joodse onderduikers verborgen hield die bij de burgerlijke stand in Aalten stonden ingeschreven. Van de Joodse medeburgers hebben er 33 hun leven verloren, de meesten in vernietigingskampen. Tellen wij de laatste vrijwillig gekozen adressen waar zij woonden, dan komen we op 13 plaatsen waar Stolpersteine gelegd zijn of zullen worden.