Rubriek: Theologie
Uitgever: Bijleveld
Bladzijden: 160
ISBN: 90 6131 651 0
Nr. catalogus: J-th-02

Oorspronkelijke titel
Man's quest for God

Abraham Joshua Heschel werd geboren te Warschau (1907) als afstammeling uit een befaamde chasidische "rabbijnen-dynastie". Onder zijn voorouders vinden we o.a. rabbi Dov Baer van Mezeritz, de "grote Maggid", opvolger van de Baäl Sjem Tov, stichter van de chasidische beweging. Van moederszijde stamt hij af van een andere legendarische wijsheidsleraar, rabbi Levi Jitschak van Berditsjev. - Binnen de gesloten theonome samenleving waarin hij werd opgevoed en geschoold kon de talentvolle telg zich al snel voorspoedig ontplooien.

Zijn doorwrochte kennis van het joodse religieuze erfgoed werd verworven door strikte, niet aflatende studie van de klassieke rabbinale geschriften. Nog geen twaalf jaar oud, gold hij reeds als tot op de letter thuis in de teksten van de Bijbel, doorkneed in de subtiele dialectiek van de Talmoed, en volkomen ingewijd in de vragen van de joodse mystiek, de Kabala. - Zijn doorleefd begrip voor de werkelijkheid van de geest en voor de religieuze dimensie van al het bestaande ontstond niet als resultaat van boekenwijsheid, maar uit een organisch rijpingsproces, tijdens het opgroeien temidden van mensen voor wie elk feit, elke vezel op aarde, hoe futiel ook, verwees naar het transcendente, gelovigen voor wie de nabijheid van de Eeuwige even reëel en voelbaar was als de eigen harteklop.

Die hem zo dierbare gemeenschap moest Heschel verlaten om verder te studeren: filosofie aan de Universiteit van Berlijn en semitica aan de Hochschule für die Wissenschaft des Judentums. Het bruisende Berlijn van de twintiger jaren heeft bij hem de basis gelegd voor een brede culturele en sociale belangstelling. Na zijn doctoraalexamen benoemde de Hochschule hem tot docent in Talmudica; met de publikatie van zijn eerste studie Maimonides (1935) en zijn dissertatie Die Prophete (1936) vestigde hij direct een internationale reputatie als nauwgezet onderzoeker en meeslepend schrijver.

In 1937 koos Martin Buber de jonge Heschel tot zijn opvolger in de leiding van het Jüdische Lehrhaus te Frankfurt en van de landelijke organisatie voor joodse bewustwording, instellingen die tijdens de eerste jaren van het nazi-regime bijzonder actief waren, zij het steeds meer ondergronds: de laatste fase van een memorabele duits-joodse renaissance tegen de verdrukking in. - Eind 1938 uit Duitsland verdreven, emigreerde Heschel, na een kort verblijf in Warschau, naar Engeland, en vandaar naar de Verenigde Staten, waar hij tot aan zijn dood (1972) als hoogleraar in de joodse ethiek en mystiek verbonden was aan het Jewisch Theological Seminary of America te New York.

Trefwoorden: jodendom   religie   gebed