Rubriek: Nederland
Uitgever: Polak & Van Gennep
Bladzijden: 302
ISBN: 90 253 6517 5
Jaar: 1985
Nr. catalogus: TW-jn-13

Philip Mechanicus, geboren in 1889 te Amsterdam, kreeg op zijn zeventiende jaar een werkkring bij de dagbladpers, waar hij zich door zelfstudie tot een veelgelezen journalist wist op te werken. Na bij enige Indische kranten werkzaam te zijn geweest, was hij vanaf 1919 aan Het Algemeen Handelsblad als redacteur-buitenland verbonden. In dit blad verschenen zijn reisverslagen over Sowjet-Rusland en Palestina, die gebundeld werden in Van Sikkel en Hamer en Een volk bouwt zijn huis. Onmiddellijk na de bezetting moest hij de krant verlaten, waar zijn medewerking onder een schuilnaam na enige tijd eveneens niet meer op prijs werd gesteld.

Op 27 september 1942 is hij, zonder Jodenster staande op het achterbalkon van een tram, verraden en gearresteerd. Via de gevangenis aan de Amstelveenseweg werd hij overgebracht naar het concentratiekamp Amersfoort, waar hij ernstig is mishandeld. Op 7 november van datzelfde jaar werd hij naar het Durchgangslager Westerbork gevoerd en bij aankomst aldaar in het ziekenhuis opgenomen. Op 15 maart 1944 tenslotte ging hij op transport naar Bergen-Belsen en op 9 oktober van dat jaar met een straftransport van honderdtwintig man naar Auschwitz-Birkenau. Daar is hij, met de anderen van deze groep, drie dagen na aankomst doodgeschoten.

In zijn dagboek heeft Mechanicus een verslag van dag tot dag van zijn verblijf in Westerbork gegeven, tegelijk observerend en betrokken bij het lot van zijn medegevangenen: „alsof ik als officieel reporter een schipbreuk versla", schrijft hij zelf. Juist deze schijnbaar zich distanciërende en haast kommentaarloze wijze van koel noteren maakt dit dagboek tot een der meest schrijnende dokumenten over het lot der Joden in de tweede wereldoorlog.